Miljoenenboetes voor geheime afspraken over autorecycling

Foto: Shutterstock

Vijftien autofabrikanten hebben een boete van totaal 458 miljoen euro gekregen van de Europese Commissie. Dit kregen ze wegens is langdurige kartelvorming met betrekking tot het recyclen van autowrakken. Alleen Mercedes-Benz kreeg geen boete. Zij meldden het kartel bij de Europese Commissie.

De Europese Commissie zegt dat de zestien autofabrikanten en de Europese vereniging van autofabrikanten (ACEA) over een periode van ruim vijftien jaar concurrentiebeperkende overeenkomsten sloten. Ze maakten zich schuldig aan onderling afgestemde feitelijke gedragingen met betrekking tot de recycling van autowrakken. Ook de ACEA kreeg hiervoor een boete opgelegd.

Nulbehandelingskosten-strategie

De bedrijven kwamen overeen om autodemontagebedrijven niet te betalen voor de verwerking van autowrakken. Ze vonden recycling van autowrakken namelijk een voldoende winstgevende activiteit. Dit heet ook wel de ‘nulbehandelingskosten’-strategie.

Ook deelden de fabrikanten commercieel gevoelige informatie over hun individuele overeenkomsten met autodemontagebedrijven. Er werd doelbewust verzwegen hoeveel van een autowrak kan worden gerecycled, teruggewonnen en hergebruikt en hoeveel gerecycled materiaal uiteindelijk weer wordt gebruikt in nieuwe auto’s. Dit deden ze onder andere om te voorkomen dat consumenten bij het kiezen van een auto rekening zouden houden met recyclinginformatie. Dit zou de druk op de fabrikanten laten afnemen, omdat ze zich dan niet verder hoeven in te spannen dan enkel de wettelijke vereisten.

Niet tolereren

Volgens Teresa Ribera, Executive Vice-President voor Clean, Just and Competitive Transition, nam de Europese Commissie harde maatregelen tegen bedrijven die samenspanden om concurrentie op het gebied van recycling te voorkomen. ‘We zullen geen kartels van welke aard dan ook tolereren, ook niet kartels die het bewustzijn van klanten en de vraag naar milieuvriendelijkere producten onderdrukken. Hoogwaardige recycling in belangrijke sectoren zoals de auto-industrie zal centraal staan bij het behalen van onze doelstellingen op het gebied van de circulaire economie, niet alleen om afval en uitstoot te verminderen, maar ook om de afhankelijkheid te verminderen, de productiekosten te verlagen en een duurzamer en concurrerender industrieel model in Europa te creëren.’

Geldboetes

Volgens het onderzoek van de Commissie was de ACEA de facilitator van het kartel. Ze organiseerden talrijke bijeenkomsten en contacten tussen autofabrikanten die bij het kartel betrokken waren. Zij kregen een boete van een half miljoen euro. Mercedes-Benz vermeed door de melding van de kartelvorming een boete van ongeveer 35 miljoen euro. Stellantis (inclusief Opel), Mitsubishi en Ford kregen een vermindering van de boete voor hun samenwerking met de Commissie.

Schadevergoeding

Personen en ondernemingen die door de kartelvorming zijn benadeeld, kunnen de zaak voor de rechter van de lidstaten brengen en schadevergoeding eisen. De Commissie heeft de autofabrikanten wel beboet, maar dat betekent niet dat er daardoor geen aansprakelijkheid gemaakt kan worden op geleden schade.

Nauwlettend in de gaten gehouden

Ook Auto Recycling Nederland houdt de ontwikkelingen van deze boetes op kartelvorming nauwlettend in de gaten, zo laten ze weten in een persbericht. ‘De Nederlandse situatie rondom autowrakken valt onder het Besluit beheer autowrakken. Importeurs hebben de wettelijke verplichting bij te dragen aan de inzameling en verwerking van autowrakken. ARN vervult in Nederland al ruim dertig jaar een centrale rol in het organiseren en uitvoeren van deze producentenverantwoordelijkheid. ARN draagt hiertoe financieel bij aan de recycling van autowrakken door demontagebedrijven te vergoeden voor werkzaamheden, de verwerking van afvalstromen te bekostigen en ondersteunende activiteiten zoals audits en opleidingen te financieren.Wij volgen de ontwikkelingen rond deze zaak uiteraard met aandacht. Zodra er meer duidelijkheid is over de inhoud van de beschikking van de Europese Commissie zullen wij hierover communiceren.’